Goddestination

Al-Inshiqaaq

Al-Insjiqaq

De Splijting

25 ayahsMeccanNederlands

Now playing Watch on YouTube

بِسۡمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحۡمَـٰنِ ٱلرَّحِیمِ

Bismi Allah Ar-Rahman Ar-Rahim

  1. 1 إِذَا ٱلسَّمَاۤءُ ٱنشَقَّتۡ

    ieza As-samaa Inshakkat

    Als de hemel zal gespleten worden.

  2. 2 وَأَذِنَتۡ لِرَبِّهَا وَحُقَّتۡ

    oea dhienet Lerabbieha Wehuket

    Als hij zijn Heer gehoorzamen, en diens bevelen uitvoeren zal:

  3. 3 وَإِذَا ٱلۡأَرۡضُ مُدَّتۡ

    wa iza Al-ard moeddät

    Als de aarde zal worden uitgestrekt,

  4. 4 وَأَلۡقَتۡ مَا فِیهَا وَتَخَلَّتۡ

    walakat ma fieha wetaḫlet

    En datgene, wat er in is, uitgeworpen zal worden, en zij ledig zal overblijven.

  5. 5 وَأَذِنَتۡ لِرَبِّهَا وَحُقَّتۡ

    oea dhienet Lerabbieha Wehuket

    Als zij haren Heer gehoorzamen, en diens bevelen uitvoeren zal.

  6. 6 یَـٰۤأَیُّهَا ٱلۡإِنسَـٰنُ إِنَّكَ كَادِحٌ إِلَىٰ رَبِّكَ كَدۡحࣰا فَمُلَـٰقِیهِ

    Ja ayyuha Al-insanoe Innaka kadihun iela Rabbi-k kadhan Famoelakijahie

    O mensch! indien gij oprecht arbeidt, arbeidt gij om uwen Heer te zien, en gij zult hem aanschouwen.

  7. 7 فَأَمَّا مَنۡ أُوتِیَ كِتَـٰبَهُۥ بِیَمِینِهِۦ

    feama oetieja kitabahoe Bjaminjehi

    En degeen, wien hij zijn boek in de rechterhand zal hebben gegeven.

  8. 8 فَسَوۡفَ یُحَاسَبُ حِسَابࣰا یَسِیرࣰا

    fesof joe-hasaboe hissaben jassieren

    Zal zachtmoedig behandeld worden,

  9. 9 وَیَنقَلِبُ إِلَىٰۤ أَهۡلِهِۦ مَسۡرُورࣰا

    vajanqaliboe ahlihi mesroer

    En zal tot zijn gezin met vreugde terugkeeren.

  10. 10 وَأَمَّا مَنۡ أُوتِیَ كِتَـٰبَهُۥ وَرَاۤءَ ظَهۡرِهِۦ

    wa amma oetieja kitabahoe Varaa Zahriehie

    Maar hij wien men het boek zijner werken achter den rug zal geven,

  11. 11 فَسَوۡفَ یَدۡعُوا۟ ثُبُورࣰا

    fesof jedoea thoeboe-ran

    Zal de vernietiging over zich roepen;

  12. 12 وَیَصۡلَىٰ سَعِیرًا

    vajasla sa'ieran

    Doch hij zal in de hel gezonden worden om verbrand te worden,

  13. 13 إِنَّهُۥ كَانَ فِیۤ أَهۡلِهِۦ مَسۡرُورًا

    Innahoe kana ahlihi mesroeran

    Omdat hij op aarde onbeschaamd te midden van zijn gezin zijne genoegens naleefde;

  14. 14 إِنَّهُۥ ظَنَّ أَن لَّن یَحُورَ

    Innahoe zanna an Lan Jahoera

    Waarlijk, hij dacht, dat hij nimmer tot God zou terugkeeren.

  15. 15 بَلَىٰۤۚ إِنَّ رَبَّهُۥ كَانَ بِهِۦ بَصِیرࣰا

    bala Inna Rabba hoe kana behi basieren

    Ja, waarlijk, God zag alles,

  16. 16 فَلَاۤ أُقۡسِمُ بِٱلشَّفَقِ

    Oeksiemoe besj-sjafak

    Daarom zweer ik bij de roode kleur van den schijn van den zonsondergang.

  17. 17 وَٱلَّیۡلِ وَمَا وَسَقَ

    Wal-layli vama vesaka

    En bij den nacht, en de dieren, welke hij doet verzamelen.

  18. 18 وَٱلۡقَمَرِ إِذَا ٱتَّسَقَ

    Wal-kamari ieza ittasaqa

    En bij de maan, als die vol is.

  19. 19 لَتَرۡكَبُنَّ طَبَقًا عَن طَبَقࣲ

    la-tar-koe-boen-na tabakan an tabak

    Gij zult zeker van graad tot graad overgaan.

  20. 20 فَمَا لَهُمۡ لَا یُؤۡمِنُونَ

    fama lahum joemienoen

    Wat scheelt hun dus, dat zij niet in de opstanding gelooven?

  21. 21 وَإِذَا قُرِئَ عَلَیۡهِمُ ٱلۡقُرۡءَانُ لَا یَسۡجُدُونَ ۩

    wa iza Koerie alejhiemoe Koran yasjoedoenen

    En dat zij niet aanbidden, als hun de Koran wordt voorgelezen?

  22. 22 بَلِ ٱلَّذِینَ كَفَرُوا۟ یُكَذِّبُونَ

    bele Alladhiena kafaroewa joekazzieboen

    Ja, de ongeloovigen beschuldigen dien van bedrog,

  23. 23 وَٱللَّهُ أَعۡلَمُ بِمَا یُوعُونَ

    Wallahoe a'lamu bima juo'un

    Maar God kent de kwaadwilligheid wel, die zij in hunne borsten verborgen houden.

  24. 24 فَبَشِّرۡهُم بِعَذَابٍ أَلِیمٍ

    fabasdjsdjirhum bie azaab aliem

    Kondig hun dus eene vreeselijke straf aan.

  25. 25 إِلَّا ٱلَّذِینَ ءَامَنُوا۟ وَعَمِلُوا۟ ٱلصَّـٰلِحَـٰتِ لَهُمۡ أَجۡرٌ غَیۡرُ مَمۡنُونِۭ

    illa Alladhiena amenoea wa amieloe As-sālihāti lahum adjr ghair memnun

    Behalve aan hen, die gelooven en goede werken doen; want voor hen is eene nimmer missende belooning gereed gemaakt.

This surah in other languages